Organisatiearchitectuur | Strategisch prestaties

Organisatorische architecturen verhogen strategische prestaties

Geschreven door

Passionned Group is dé specialist in datagedreven werken. Onze bevlogen en ervaren consultants helpen grotere en kleinere organisaties bij de kanteling naar een intelligente, datagedreven organisatie. Om het jaar organiseren wij de prestigieuze prijs voor de Slimste organisatie van Nederland.

Mede door een sterk groeiende opdrachtenportefeuille is Passionned Group onlangs de samenwerking met Bart Eikelboom aangegaan. Enige tijd terug promoveerde Bart aan de Business Universiteit Nyenrode. Hij deed onderzoek voor het Strategy Center en vond een significante, positieve relatie tussen hoger en beter op elkaar afgestemde organisatorische architecturen en strategische prestaties van bedrijfsonderdelen binnen multinationals.

Inleiding

In de resource-based view (RBV) binnen het strategisch management wordt de onderneming gezien als een bundel van hulpbronnen. Deze hulpbronnen zijn gemakshalve onderverdeeld in vier categorieën:

  • Financiële hulpbronnen: de financiële middelen waar het bedrijf direct toegang toe heeft;
  • Fysieke hulpbronnen: de fysieke technologie en middelen waarover de onderneming beschikt;
  • Menselijke hulpbronnen: de kennis, vaardigheden, creativiteit en capaciteiten van de individuele werknemers;
  • Organisatiehulpbronnen: de relaties tussen organisatieleden.

Organisatiehulpbronnen & organisatiekapitaal

Deze studie heeft zich beperkt tot de laatste categorie: de organisatiehulpbronnen of organisatiekapitaal. De organisatiehulpbronnen worden in deze studie “organisatiebekwaamheden” genoemd, omdat organisatiekapitaal niet zichtbaar is en gericht is op de versterking van de productiviteit van de andere hulpbronnen is. Deze worden ook wel onderscheiden van (organisatie)competenties, die meer op technische expertise zijn gericht, terwijl (organisatie)bekwaamheden duiden op de sociale categorie.

Organisatiebekwaamheden

Organisatiebekwaamheden zijn bekwaamheden van een organisatie om haar activiteiten te organiseren, besturen, coördineren, beheersen en te leiden. Uit literatuurstudie kwamen twee elementen naar voren die gekwalificeerd kunnen worden als kenmerkend voor organisatiebekwaamheden:

  1. Organisatiebekwaamheden zijn contextueel van karakter: ze duiden de organisatiecontext of -omgeving aan waarbinnen organisatieleden werken. Deze organisatiecontext geeft vorm aan, en verklaart, het organisatiegedrag;
  2. Kenmerkend is dat organisatiebekwaamheden zowel ongrijpbare, ‘harde’, formele organisatie-ingrediënten (bijvoorbeeld ‘structuur’ en ‘systemen’), als ongrijpbare, ‘zachte’, informele organisatie-elementen (zoals ‘enthousiasme’, ‘cultuur’ en ‘leiderschap’) bevatten.

Probleemstelling

De volgende probleemstelling ligt ten grondslag aan deze studie: In welke mate zijn organisatiebekwaamheden gerelateerd aan de uiteindelijke prestaties van bedrijfseenheden binnen multinationale ondernemingen met meerdere business units?

De probleemstelling kan worden gepositioneerd in de discipline van het strategisch management gezien het gebruik van de denkwijze en het managementperspectief van de RBV, die stelt dat de manier waarop ondernemingen zich kunnen onderscheiden ontstaat vanuit hun hulpbronnen en bekwaamheden.

Van bureaucratisch naar holistisch model

Er is een literatuurstudie gemaakt van de organisatiebekwaamhedencategorie uit de RBV. Vanuit een historisch overzicht van pogingen tot organiserend vermogen, is geconcludeerd dat hoewel het traditionele, bureaucratisch model van organiseren veel succes heeft gebracht, het ook geresulteerd heeft in een grootschalig verlies van vertrouwen van werknemers, klanten, media en vooral ook investeerders in organisaties. Critici stellen dat het bureaucratisch model minder relevant is geworden in het huidig tijdperk dat vraagt om snelheid, reactievermogen en inzicht. Kortom: in het huidige tijdperk is een intelligente organisatie geen overbodige luxe.

Zachte aspecten

Men heeft wel beargumenteerd dat het traditionele ‘machinemodel’ de ‘zachte’ aspecten van organisatiebekwaamheden verwaarloost. Om aan deze kritiek tegemoet te komen, werd het ‘holistisch model van organiseren’ geïntroduceerd als een nuttige tegenkracht tegen de dominantie van traditionele, bureaucratische organisatiemodellen. Het holistisch model omvat zowel de traditionele, ‘harde’ organisatieaspecten, als de ‘zachte’ organisatie-elementen zoals ‘geestdrift’ en ‘leiderschap’.

De nieuwe en de toegevoegde waarde van het holistisch model is dat het bijdraagt om het realiseerbaar menselijk potentieel te begrijpen en het inzicht geeft waarom dit potentieel in het algemeen niet volledig gerealiseerd wordt in traditionele, ‘machinemodellen’ van organiseren.

Bestaat er een relatie tussen organisatiebekwaamheden en bedrijfsprestaties?

Het ‘holistisch model van organiseren’ heeft ook normatieve pretenties. Het claimt dat de combinatie van ‘harde’ en ‘zachte’ organisatie-elementen omvat in organisatiebekwaamheden, beter in staat is om het menselijk potentieel in de organisatiecontext te begrijpen en te koesteren. Dit wordt geacht het geval te zijn in een dynamische omgeving die de vaardigheid vereist om goed om te kunnen gaan onzekerheden en hoge verandersnelheden.

In een literatuurstudie is wel enige steun voor deze pretenties gevonden, maar vaak alleen theoretisch of gebaseerd op anekdotes. Empirisch bewijs voor een positieve relatie tussen (conceptualiseringen van) organisatiebekwaamheden en bedrijfsprestaties is vrij schaars en vaak kwalitatief van karakter. Aangezien veronderstelde verbanden met bedrijfsprestaties nog nauwelijks ondersteund worden door empirisch bewijs, stelt deze studie zich ten doel om deze normatieve pretenties te testen op een kwantitatief-empirische wijze.

Het relateren van organisatiebekwaamheden aan uiteindelijke bedrijfsprestaties is echter een uitdagende onderneming om de volgende redenen:

  1. beide onderzoeksvariabelen zijn moeilijk te bevatten en te meten;
  2. vanwege het contextuele, indirecte, potentiële, gebundelde en endogene karakter verschilt waardecreatie vanuit de ongrijpbare organisatiebekwaamheden van waardecreatie vanuit andere meer grijpbare organisatiehulpbronnen.

Organisatieklimaat en architectuur

In een literatuurstudie zijn twee concepten gevonden die beschikbaar zijn om organisatiebekwaamheden te conceptualiseren: organisatieklimaat en organisatie-architectuur. Gezien de managementbenadering van organisatiearchitectuur en de goede overeenstemming van de typische kenmerken van organisatiebekwaamheden met het concept van organisatiearchitectuur, is dit concept gekozen om de categorie van organisatiebekwaamheden te vertegenwoordigen.

De keuzes voor concepten om de onderzoeksvariabelen te representeren en de verwachte relaties tussen deze variabelen (voortgekomen uit de literatuurstudie) zijn samengebracht in een conceptueel model dat als startpunt dient voor het empirisch gedeelte van het proefschrift:

Conceptueel model: strategische prestaties & organisatiearchitectuur

Figuur 1: Conceptueel model van strategische prestaties en organisatiearchitectuur

Organisatiearchitectuur als startpunt

Organisatiearchitectuur als conceptualisering van organisatiebekwaamheden, wordt gezien als een tussenliggende resultante van management- en leiderschapsrollen van (corporate) management, als afgeleide van het ‘holistisch model van organiseren’. Organisatiearchitectuur is de onafhankelijke variabele in de probleemstelling en vormt daarmee het startpunt van de empirische analyse van dit onderzoek (de variabelen en relaties boven de stippellijn zijn wel opgenomen in het conceptueel model om de onafhankelijke variabele in te bedden in een theoretische context).

Tussenliggende processen

De tussenliggende processen die de onafhankelijke variabelen verbinden met de afhankelijke, strategische prestaties variabelen, liggen buiten het bereik van dit onderzoek en worden gezien als een black box van organisatiegedragsmechanismen. De twee pijlen aan de buitenzijde geven de verwachte relaties aan die onderzocht zijn op business unit-niveau binnen grote multinationals vanuit het perspectief van de RBV.

Hypotheses

Gebaseerd op theorie, is de eerste hypothese dat bedrijfseenheden met een meer positief waargenomen organisatiearchitectuur positief zullen relateren (correleren) met hun strategische prestaties. Ten tweede wordt verwacht vanuit de ‘theory of alignment’ dat organisatiearchitecturen die beter zijn afgestemd op de ambities en aspiraties van de (cruciale) organisatieleden (deze representeren de ‘impliciete strategieën’), ervoor zal zorgen dat de bekwaamheid om strategieën te implementeren zal verhogen. Omdat vanuit deze betere afstemming, positieve invloeden worden verwacht op de prestaties, is de tweede hypothese geformuleerd waarin gesteld wordt dat bedrijfseenheden met een beter afgestemde organisatiearchitectuur positief relateren (correleren) met hun strategische prestaties.

Conclusie

De methodologische beperkingen erkennend, steunen de empirisch resultaten uit het onderzoek de conclusie dat er een gematigde statistisch significante, positieve relatie is tussen (afgestemde) organisatiearchitectuur en strategische prestaties. Hoewel de significant voorspellende kracht is aangetoond van strategische prestaties door onderliggende dimensies van organisatiearchitectuur (met name de dimensie met de hoogste factorladingen: ‘Kwaliteit & cultuur’), zijn we terughoudend om daarover conclusies te trekken. De hoge mate van aangetoonde multicollineariteit maakt dat we liever het holistisch karakter van de relatie tussen (afgestemde) organisatiearchitectuur en strategische prestaties benadrukken.

Dus ondanks dat de ‘mechanismen’ die leiden tot hogere bedrijfsprestaties geen onderwerp van onderzoek waren, kan er geconcludeerd worden dat hogere scores op organisatiearchitectuur blijkbaar een organisatiecontext vertegenwoordigen dat organisatiegedrag mogelijk maakt, koestert en stimuleert en uiteindelijk leidt tot hogere strategische bedrijfsprestaties.

Bijdragen voor onderzoek

De belangrijkste bijdragen van deze studie zijn het aanleveren van empirische steun voor een positieve relatie tussen (afgestemde) organisatiebekwaamheden en uiteindelijke bedrijfsprestaties en het bieden van een studie naar conceptualiseringen, dimensionaliseringen en metingen van organisatiebekwaamheden. In deze studie heeft de nadruk gelegen op een holistische benadering van organisatiebekwaamheden. Toekomstig onderzoek kan bouwen op de fundamenten van deze studie en zich richten op het verder ontwikkelen van meetinstrumenten en onderlinge dimensies van organisatiearchitectuur.

Implicaties voor de managementpraktijk

Implicaties voor de managementpraktijk van deze studie liggen met name op het gebied van (strategie)-implementatie. Strategieformulering is een belangrijk onderdeel van de leiderschapsrol van corporate management. Bij het formuleren van nieuwe ondernemingsstrategieën zou echter ook afgestemd moeten worden welke gewenste strategieën er binnen de organisatie leven.

De organisatiebekwaamheden spelen voor het grootste gedeelte als hefboom van belangrijke, waardetoevoegende hulpbronnen een belangrijke rol in de executie van strategieën. Vervolgens kan het meten van organisatiearchitectuur een belangrijke stap voorwaarts zijn in het meten en ‘beheren’ van strategie-implementatie. Ten slotte kan organisatiearchitectuur een waardevol raamwerk bieden voor de initiatie, implementatie en bestendiging van organisatieveranderingen.

Deze studie kan bijdragen aan de managementpraktijk door het benadrukken van een holistische kijk die zowel aandacht besteed aan de ’harde’ als ‘zachte’ elementen van organisatiebekwaamheden. ‘Harde’ organisatiebekwaamheden zoals ‘structuur’ en ‘systemen’ kunnen niet goed functioneren zonder ‘zachte’ bekwaamheden als ‘enthousiasme’, ‘cultuur’ en ‘leiderschap, zoals omvat in het concept organisatiearchitectuur.

Tweede bijdrage aan de managementpraktijk is het inzicht dat afstemming cruciaal is voor de betrokkenheid en verbondenheid van organisatieleden. Dit impliceert heldere communicatie van ondernemingswaarden en –strategieën, mede gebaseerd op de ambities en strategieën van de organisatieleden.

Meer weten?

Wilt u meer weten over de relatie tussen organisatorische architecturen en strategische prestaties? Vraag dan nu het promotieonderzoek van Bart Eikelenboom aan.

Reageer op dit artikel van Daan van Beek

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Een selectie van onze klanten

Word nu ook klant

Wil je ook klant bij ons worden? Wij helpen je maar wat graag verder met organisatiearchitectuur (strategisch prestaties) of andere zaken waar je slimmer van wordt.

Daan van Beek, Managing Director

DAAN VAN BEEK MSc

Managing Director

neem contact met mij op

Fact sheet

Organisaties geholpen
___
Trainingen & workshops
___
Deelnemers opgeleid
___
Beoordeling klanten
8,8
Consultants & docenten
___
Kantoren
3
Jaar ervaring
15